vrijdag 8 mei 2026

De Leesjutter 10: Slim reizen - Overal en iedereen met publiek vervoer van deur tot deur

Dit prachtig vormgegeven boekwerk van Marc Buiter en ook Geert Kloppenburg is een mooi vervolg op de Gulden Snelweg (zie blog). Het boekwerk is heel sportief in april in ontvangst genomen door de collega's van DGMo. Sportief, omdat het boekwerk heel kritisch is op de door IenW beleden paradigma's in de beleidsvorming, zij het met enige mildheid voor de medewerker: Net als forenzen volgen de meeste beleidsmakers en onderzoekers - min of meer genoodzaakt door hun beperkte positie en bewegingsruimte - vrijwel dagelijks dezelfde vaste routes langs steeds dezelfde problemen en 'oplossingen' die niet of onvoldoende werken. De schrijvers zijn vooral ook kritisch op pilots om de structurele mismatch tussen vraag en aanbod in het OV aan te pakken, die vormen aldus de auteurs 'een kroniek van een aangekondigde mislukking' omdat ze zo zijn ontworpen dat de schaal, het netwerk en de flexibiliteit van de nieuwe diensten maken dat die vrijwel niet gebruikt worden. Ook mooi is hun inbreng over de nadelen van prijsprikkels. Zo leiden rebound effecten van de spitsheffing in Zweden er toe dat de positieve effecten na enige tijd uitdoven mits je de heffing blijft verhogen en het aanbod van alternatief vervoer verbetert. Soms schieten ze een beetje uit de bocht, maar dat is ze vergeven. Zo wordt gesuggereerd bij het stukje over verregaande verkokering dat er sprake zou zijn van een beleidskoker speciaal voor carpoolen. Dat mocht ik willen :-). Hoe dan ook Buiter en Kloppenburg hebben een heerlijk frisse manier van tegen mobiliteit aankijken en brengen zo en passant het o zo gewenste nieuwe perspectief.  Goed om daar mee aan de slag te gaan. Maar dan niet met aan de voorkant afgeknelde pilots denk ik dan. 

bron: knipsels uit Slim reizen, Marc Buiter.


Conferentie Transitioning away form fossil fuels

Op uitnodiging van Colombia was Nederland cohost van deze eerste veel belovende conferentie (Santa Marta, eind april) over het 'weg bewegen' van het gebruik van fossiele brandstoffen. Dat was hoogtijd ook want deze neergaande afbraakcurve uit het model van Loorbach (zie blog) wordt al decennia lang genegeerd cq van de agenda gehouden door olieproducerende landen. Best wel stoer dus dat Colombia - zelf een olieproducerend land - dit initiatief heeft genomen en dat ging skin in the game gepaard met een nationaal verbod op het uitgeven van nieuwe vergunningen voor steenkool- en oliewinning. De belangrijkste uitkomst van de conferentie is misschien wel dat die sowieso heeft plaatsgevonden en dat er veel landen bij aanwezig waren. Het takeaway-document doet wel wat processerig aan (zie link) - de belangrijkste uitkomst lijkt te zijn dat we dit volgend jaar nog een keer overdoen maar dan in Tuvalu (samen met Ierland), maar het voorafgaand aan de conferentie verschenen position paper (zie link) gaat bemoedigend wat dieper op de inhoud in.  Er worden drie pilaren onderscheiden waarbij voor iedere pilaar staat aangegeven waar de deelnemende partijen het zo ongeveer over eens zijn, waar over nog niet, wat de 'barriers' zijn en de 'enablers'. De eerste pilaar gaat over Het verminderen van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen en de structurele economische transformatie die hier voor nodig is. Met daarbij in ieder geval een rol voor carbon-pricing en de noodzaak weg te blijven van - het verraderlijk mooi woord - extractivism. Daarbij zeker ook aandacht voor economische aspecten (better understanding the nature of fossil fuel lock-in) en de social-psychologische aspecten  (the spread of misinformation which contributes to public skepticism and resistance). De tweede pilaar is  Transformatie van vraag en aanbod van fossiele brandstoffen. Met daarbij aandacht voor het belang van een internationaal bindend verdrag om een halt toe te roepen aan  het zoeken naar en het delven/oppompen van nieuwe voorraden fossiele brandstoffen. Dat is natuurlijk de crux en daar komt misschien toch het idee van de carbon-coin nog van pas (zie blog). En tenslotte de derde pilaar Versterken van internationale samenwerking en klimaatdiplomatie. Hierbij moet het gaan om praktische commitment aan maatregelen - zoals het uitfaseren van fossiele subsidies (en reclames zeg ik er dan achteraan) - in plaats van doelen.

     


maandag 27 april 2026

De Leesjutter 9: Nationaal zakelijke mobiliteitsonderzoek. editie 2025

Een vrijdagmiddag leesjutten door de verder lege gangen van de Rijnstraat 8 leverde weer een paar mooie leesjutter-exemplaren op waarvan dit de eerste uit de nieuwe reeks is. Het is heel zielig, maar ik heb dus nog nooit een lease-auto gehad, ook niet in de tijd dat ik bij een adviesbureau werkte. Een wat nieuwe wereld dus voor mij,  maar daar mee des te interessanter. Het is een rapport vol tabellen en grafieken dus dat leent zich voor wat opzienbarende getallen, waarbij ik mij focus op de e-auto (EV):

  • 71% van alle nieuw verkochte EV's wordt zakelijk ingezet.
  • 29% van de bedrijven verplicht zijn leasende medewerkers voor een EV te kiezen. Dat percentage stabiliseert.
  • Door grote bedrijven wordt duurzaamheid minder vaak gezien als onderscheidende keuze, maar als randvoorwaarde waar ze simpelweg niet om heen kunnen. 
  • Het ontbreken van thuislaadmogelijkheden wordt door de meerderheid van bedrijven aangemerkt als obstakel voor verdere EV groei. 
  • Van de zakelijke EV-rijders geeft 76% aan de volgende keer weer voor EV te kiezen. Ruim 60% van de 24% die dat niet doet zou de volgende keer voor een plug-in hybride kiezen (dus niet ruim 60% van alle EV rijders zoals in het voorwoord staat!)
  • Als gevraagd wordt aan de rijders die aangeeft bij de volgende auto niet voor een EV te kiezen, onder welke omstandigheden ze dat zouden heroverwegen zijn dit de antwoorden (zie figuur):  


Bron: Nationaal Zakelijke Mobiliteitsonderzoek 2025

woensdag 22 april 2026

ASA -masterclass Hoe overleef ik een minderheidskabinet?

Prachtige lezing van Paul 't Hart die zich voor de gelegenheid in de wereld van minderheidskabinetten is gedoken. En geloof het of niet, ook daarover is een handvol boeken geschreven.  Hij begon met een survival rate-plaatje dat uit een epidemiologisch lesboek lijkt te komen maar stiekem toch over het overleven van kabinetten zelf gaat. De levensduur van kabinetten met overkoepelende financiële deals met de oppositie, doet niet onder voor die van meerderheidskabinetten. Die zonder deals wel, oeps. Dat neemt niet weg dat er sowieso wel een aantal voordelen van minderheidskabinetten zijn te bedenken. Paul noemde  gezond dualisme, betere deliberatie (meer vrije kwesties buiten dichtgetimmerd regeerakkoord om), energie op wat wél bindt (voorbeeld: issues koppelen tot grote pakketten die tot doorbraken leiden) en kans op oversized issue majority (bij minderheidskabinetten juist vaak grote meerderheden achter wetgeving, dat leidt tot continuïteit over kabinetten heen). Vervolgens ging hij in op wat ambtenaren te doen staan om de drie ambtelijke uitdagingen van minderheidskabinetten - eendrachtig de titel - te overleven (zie foto). Wie gaat al het extra politieke handwerk doen dat nodig is om beleidsvoortgang te maken met een minderheidskabinet? Een politieke assistent gaat dat niet bolwerken zo stelt Paul. Er is zo voorspelt hij al snel sprake van een sluipende politisering van het ambtelijk apparaat omdat DGs en directeuren in het gat moeten springen dat een PA niet kan dichtlopen (als je er tenminste niet voor kiest zoals bijvoorbeeld in Australië designated oliemannetjes aan te stellen; de departemental liason officers). Als DGs en directeuren het zelf moeten gaan doen, verwacht Paul dat dit binnen het ambtenarenapparaat zomaar tot een clash tussen hyperpolitiek en de ambachtelijkheid van het werken met het beleidskompas kunnen leiden. Anders gezegd, als de verleiding van de  top in de rol van politiek oliemannetje te kruipen te groot wordt, dreigt men daar niet meer open te staan voor inhoudelijke signalen uit de onderliggende lijn. En passant kwam Paul nog met wat onderbouwde systeem kritiek. Wat hem betreft moeten we structureel rekening houden met minder vertrouwen in de politiek. Juist dan moet je als politicus doen wat je waar kunt maken en duidelijk zijn over wat niet kan, aldus 't Hart. Dit terwijl - zo ziet Paul - het vermijden van teleurstelling bij kiezer/burger ondertussen een dominant gedragspatroon voor politici is geworden.  

bron: https://theloop.ecpr.eu/ Thürk & Krauss







zondag 19 april 2026

Een overload aan overbelading

Van de week een prachtig door Guus en Siebren begeleid beleidsatelier over overbelading van vrachtwagens bijgewoond. Het openingsrondje rond de vraag Wat denk jij dat de voornaamste oorzaak van overbelading is? liet zien dat veel deelnemers denken dat dit h'm in economische motieven zit; als je als vervoerder meer meeneemt kan je per slot van rekening ook meer verdienen is het idee. Nu blijkt het zo te zijn dat 3/4 van de overtredingen hem zit in een te hoge aslast en niet in een te hoog gewicht. En aan een te hoge aslast valt niet meteen wat te verdienen. Al is mijn conclusie hierover zeker nog niet definitief, lijkt het op het tweede gezicht toch meer aan onwetendheid of onverschilligheid bij het beladen te liggen dan aan gewin (of het moet in gepercipieerde tijdswinst zitten). Dit laat denk ik twee dingen zien: (1) dat SCP een sterk punt lijkt te hebben met het wijzen op de wat eenzijdige mensbeelden van waar uit beleid wordt gemaakt (zie blog link); (2) dat het tijd wordt om eens een gedragsanalyse op verschillende segmenten van vervoerders en verladers te doen om te bezien welke aspecten van capability, opportunity and motivation de neiging tot overbelading verklaren. 



Burgerforums en het verduurzamen van pensioenfondsen

Ik krijg langzaam maar zeker de leeftijd waarop ik dit onderwerp interessant ga vinden :-). Van de week een mooie BINNL lezing van Paul Smeets over een zeer elegant ontworpen burger/deelnemersforum rond verduurzaming van een pensioenfonds. Als je het zorgvuldig representatief samengesteld forum van pensioenfondsdeelnemers drie dagen bij laat praten door ook weer zorgvuldig geselecteerde specialisten, blijken de deelnemers na afloop veel vaker voor duurzaam beleggen te kiezen ook als het rendement daaronder kan leiden. En als je dat de uitkomsten van het forum vervolgens voorlegt aan de hele populatie deelnemers kiezen die ook voor duurzaam beleggen. So far so good, maar de methodologische kritieken - zo kreeg ik online de indruk - begonnen beleefd wat aan te zwellen. Zo begint de populatie forumleden (en uitgaande van representativiteit dus ook de hele populatie deelnemers aan het pensioenfonds) overwegend met de mening 'geen mening'. Vervolgens stemt sowieso maar een zeer beperkt deel van het totaal aantal deelnemers; wellicht juist de mensen die toch al voor meer duurzaamheid waren. Je kan je afvragen zit dat dan wel helemaal in de haak?; in die zin is de uitkomst dan wel representatief. Ik denk zelf: wél in de haak, maar niet representatief en dat hoeft misschien ook niet. Net als een omgekeerde donorregistratie (zie ook link) waar bij je mensen dwingt na te denken over een serieus onderwerp waar ze liever niet over nadenken.  


 

Economiekamer Opschaling productie duurzame brandstoffen voor de luchtvaart

De Economiekamer (met dank aan Tim) van afgelopen vrijdag was weer een heerlijke onderdompeling in een supercomplex dossier. De figuur laat de opgave zien die volgt uit de ReFuelEU-richtlijn. De bijmengverplichting  voor Sustainable Aviation Fuel (SAF) wordt nu nog geheel vervuld met HEFA; SAF op basis van oa frituurvet. Maar omdat je ook maar zoveel friet kunt eten (zegt men), is er een separate bijmengverplichting voor synthetische kerosine als bio-SAFs /e-fuels. Omdat HEFA veel goedkoper is komt de productie van die andere type SAFs niet goed van de grond. Rara wat te doen? Dat was de vraag die centraal stond vrijdag. Terecht werden ook beleidskompas-achtige vragen gesteld als: Wat is  nu eigenlijk precies het marktfalen? Hoe zit het met aandacht voor de nuloptie, niets doen? en welk maatschappelijk doel willen we  bereiken (klimaat en de kansen op negatieve emissies die SAF-productie met CCS opleveren, of strategische autonomie, of iets anders). Maar als die vragen beantwoord zijn (wel doen hoor!) verwacht ik dat er uiteindelijk geen ontkomen is aan overheidsingrijpen. Tijdens de Economiekamer werd een flinke reeks instrumenten voor overheidsingrijpen met elkaar vergeleken. Daarbij bracht Prof Machiel Mulder (RUG) in dat wie effectief wil zijn en het instrumentarium niet al te ingewikkeld wil maken, genereus moet zijn. Aan de collega's van duurzame luchtvaart de taak dit op onderbouwde wijze aan de politiek voor te gaan leggen. De Economiekamer leverde hiertoe in ieder geval een mooie reeks inzichten op. Een kleine bloemlezing:

  • De hoge traptredes in de bijmengverplichting (zie figuur) zijn niet handig om laten we zeggen precies op tijd de juiste hoeveelheid productie op peil te hebben.
  • Er ligt in ieder geval een kans om als Nederland het komende half jaar geld in te gaan leggen in de Europese tweezijdige veiling voor de productie van bio-SAF/e-fuel en daar dan ook veel van te leren (zie link)
  • Als je de huidige vrijwillige nationale extra verplichting voor bijmenging boven op de Europese wil behouden dan zal je, als je het internationale level playing field niet teveel wil verstoren, de volledige onrendabele top af moeten dekken.  
  • DEF zou als launching customer verschil kunnen maken. 
  • De HEFA productie kan nog flink groeien vooral als je andere basismaterialen gaat gebruiken. Ook voor de andere type SAFs vinden nog veel ontwikkelingen plaats. Instrumenten om de productie aan te jagen zouden daarom deels agnostisch voor de toegepaste techniek moeten zijn.
  • Schiphol-deelnemingenbeleid zou ook slim ingezet kunnen worden, maar dat geldt ook Lelystad -dacht ik later - daar zitten DEF en burgerluchtvaart handig bij elkaar en is een positive vibe wellicht ook zeer gewenst. 
  • De (of een) verwachting is dat je uiteindelijk tot een instrumentenmix komt die verandert in de tijd.