zondag 12 juli 2026

Opkomstpercentage 127% bij Beschuit met BIT-ontbijt

Een goed getimede computerstoring maakte dat een aantal collega's die woensdagochtend duimen draaiend achter hun bureau zat, (toch maar :-) naar het geweldig gezellige Beschuit met BIT-ontbijt kwam. Waar we normaal gesproken rekening houden met een no show percentage van 33%, kwamen nu in eens meer mensen op draven dan zich hadden opgegeven. En die waren allemaal natuurlijk hartstikke welkom. Het werd zelfs nog wat drukker en gezelliger dan op de foto die tijdens de inloop genomen is. Naast aandacht voor beschuit met aardbei hebben we als BIT onze collega's bijgepraat over de interactief doorklikbare BIT-portfolio (bij mij op te vragen), hebben we het gehad over het werk aan de BIT verankerstrategie en hebben we stil gestaan bij de mooie samenwerking met de Deense Technische Universiteit over rebound effecten (zie link). 



 

Schrijf je in en DOE MEE! aan het live event Pinguin Fred - 10 sept 16.00 uur, Utrecht

Het is je vast niet ontgaan; De Parlementaire Enquêtecommissie Corona is druk bezig met de verhoren en focust daar o.a. specifiek op de thema’s ‘rol van adviseurs’ en ‘afweging, dilemma’s en proportionaliteit’. In verhoorweek vier ging het daarbij over de sluiting van het onderwijs. In de zeer leesbare essaybundel ‘Wetenschap en overheidsbeleid – een spanningsvolle relatie’ (zie link naar gratis download) gaat één van de essays juist hier over; de rol van wetenschap bij de sluiting van het onderwijs tijdens corona. Katy Hofstede van het Nederlands Jeugdinstituut (NJI)) stelt in haar essay dat de adviezen van het NJI om de scholen juist open te houden niet voldoende overtuigend werden bevonden. Dat betekent in haar ogen dat in het vervolg ‘een kennisinstituut niet alleen kennis moet aandragen, maar ook expliciet moet maken welke overtuigingen of paradigma’s in het publieke debat aanwezig zijn, en hoe die zich verhouden tot de beschikbare wetenschappelijke kennis.’Naast het essay van Katy Hofstede bevat de bundel nog zeventien andere essays over oa samenwerking tussen wetenschap en beleid in de praktijk, en instrumenten voor een betere samenwerking. Heb je je ook voorgenomen deze zomer weer eens wat onder de parasol te lezen? Doe dan mee deze keer met de IenW boekenclub Pinguïn Fred en schijf je dan nu in als essaypitcher van één van de achttien essays uit de bundel Wetenschap en overheidsbeleid. Dat kan via het Live event van Pinguïn Fred (zie link) , op 10 september van 15.30 -17.00 uur in het Rijksvergadercentrum nabij Utrecht CS. Presenteer in twee slides en een strak getimede tijdslimiet de highlights van ‘jouw’ essay en wat we daar als RWS, KNMI, KiM, ILT, beleid enz. vooral (niet) mee moeten doen. 





zondag 5 juli 2026

Het belang van criticality - voortgang in het denken over social tipping points

Eerder schreef ik over de inaugurele rede Words speak louder than actions van Jan Willem Bolderdijk (zie link) en over diens optreden over social tipping points op de Dag van het Gedrag (zie link). Idee achter de social tipping points is dat je eerst al interveniërend vaak langzaam en moeizaam een flinke minderheid aan een nieuw gewenst gedrag moet zien te krijgen, maar dat als je die flinke minderheid eenmaal bereikt hebt, je de rest veel gemakkelijker en sneller meekrijgt. 

Laatst was Sara Constantino (Stanford) te gast bij de vakgroep van Jan Willem en zij presenteerde nieuwe inzichten op het gebied van social tipping point -denken. Ook liet zij een jaloersmakend recent voorbeeld van een social tipping point zien; de adoptie van de elektrische auto in Noorwegen (zie figuur). Maar goed dat was nog niet het vernieuwende. Wel vernieuwend is het gebruik van de term criticality van een systeem. Dat is zeg maar de potentie van een systeem om op een bepaald moment in de tijd te tippen en om te slaan naar een nieuw evenwicht; denk aan (bijna) 100% van de nieuwverkoop is elektrisch (zie figuur). Constantino en collega's waaronder Thijs Bouman (RUG) en Jan Willem betogen dat gedragsinterventies nog niet goed werken als de criticality van een systeem nog niet groot genoeg is. Als beleid moet je daarom aan policy sequencing doen waarbij je eerst de criticality van het systeem moet zien te vergroten, dan het systeem over het tipping point heen moet helpen, vervolgens de transitie goed moet managen en tenslotte het nieuwe evenwicht stevig moet zien te verankeren. Zo lang de eerste twee stappen in één keer te tackelen zijn met een slimme interventiemix is dit nieuwe inzicht nog doenlijk te behappen voor de beleidsmaker. Maar als je moet investeren om de criticality van het systeem te vergroten zonder dat dit zich uitbetaalt in meetbaar nieuw gedrag, wordt het lastig hier geld en enthousiasme voor te organiseren. Maar goed dat dingen lastig zijn, maakt het nieuwe inzicht natuurlijk niet minder juist. 

Dit weekend zowel mijn eerste vegetarisch BBQ hostend, als het nieuws over het Gezondheidsraad advies over alcohol volgend word ik ondertussen razend nieuwsgierig naar de criticality van het systeem 'alcohol drinken' (De GR noemt het nu gebruiken) en die van het systeem 'vlees eten'. Bij beide lijkt de criticality toe te nemen. Maar bij welke van de twee zal de criticality als eerste groot genoeg zijn om met een welgemikte interventie(s) door het tipping point heen schieten? En wanneer dan? Ik voel een poule aan komen :-) 

bron: lezing Sara Constantino
   

zondag 28 juni 2026

Gelezen: How to talk to AI?, Jamie Bartlett

Vorige week zaterdag stond er in NRC een interessante boekbespreking (zie link) over dit boekje. Zo interessant dat ik het boek maar gelijk gekocht en gelezen heb. Sinds we bij ASA-BIT van stagiair Frances een stoomcursus AI hebben ondergaan zijn we bij ASA en BIT niet meer te houden waar het AI aangaat. Zelf ben ik er ook wel van, maar ik merk ook dat ik wat blijf hangen in het schrijven van een in mijn ogen slimme prompt en dan genoegen neem met het eerste antwoord... of niet. Bartlett is hier in ieder geval al een stuk slimmer in. In het prompts schrijven, zeker, maar ook in verder nadenken over wat AI vermag. Zo gaat het over cognitieve overgave, waarbij je je overgeeft aan de superioriteit van AI, over brain fry een soort van vreemde psychologische toestand van verwarring over waar jouw brein ophoudt en de machine begint. Bij het lezen van het boek bemerk ik dat ik nog teveel een novice in het gebruik van AI om ook maar enigszins in de buurt van een risicogroep te komen. Wel interessant om te lezen. Meteen nuttig ook zijn de tips om door te vragen op een antwoord (Wat zijn de zwakke punten?, welke aannames kunnen fout zijn?, Geef stap voor stap aan hoe je tot dit antwoord bent gekomen). Bartlett stelt ook dat we vaak denken dat AI sterk is in feiten en zwak in creativiteit. Volgens hem is het net andersom. Ik denk dat hij een punt heeft...



De (on)doenlijkheid van de tijdelijke tolheffing

Begin dit jaar ben ik eens speciaal door de Blankenburgtunnel gereden om zelf de al dan niet onduidelijke tot tolbetaling- aanzettende-borden te aanschouwen. Nu had ik het makkelijk want ik was bijrijder, ik zat op de uitkijk en behoorde tot de 32% mobilisten van buiten de regio die op de hoogte waren van de tolheffing aldaar. Dat percentage van 32%  zou ik normaal gesproken overigens verzonnen hebben :-), maar nu kon ik het  netjes uit de invoeringstoets overnemen. Tja voor wat het waard is; ik vond de borden rijkelijk aanwezig én heel duidelijk. Maar wat poortjes wél kunnen en borden niet- ook als ze (nog) beter worden - is een fysieke betaaltrigger oproepen. Met de keuze vóór een 'free flow'-systeem  (dus zonder snelheidsreducerende poortjes) kies je - zeker in een land waar helemaal geen toltraditie is  - ongewild ook vóór het genoegen nemen met een suboptimale oproep tot online betaling achteraf. Dat blijkt ook uit de invoeringstoets; slechts 35% van de passanten zonder automatische machtiging betaalde ten tijde van de invoeringstoets op tijd. En er gaat nog veel meer niet helemaal lekker, het rapport van de Nationale Ombudsman die vorige week in het nieuws was liegt er dan ook niet om. Wat ik zelf eigenlijk ook wel erg onderschat heb is dat maar liefst een kwart van de bevolking digitaal minder vaardig is, met daarbij 400.000 mensen die niet zelfstandig kunnen bankieren en 200.000 die geen toegang tot internet hebben. De Ombudsman doet dat haarfijn uit de doeken met daarbij ook nog even aangegeven dat in de Algemene Wet Bestuursrecht is vastgelegd dat er naast online betalen altijd een papieren alternatief moet zijn (tenzij anders wettelijk vastgelegd). Tja en daar is niet in voorzien bij de tolheffing. Wat verder ergerniswekkend is voor mobilisten en ondoenlijk voor de uitvoerders is dat van uit privacy-overwegingen er geen transparante rittenregistratie mag worden bijgehouden, terwijl mensen daar begrijpelijkerwijs wel om vragen. Poeh, ik heb wel te doen met de collega's die hier hard aan werken. Vanzelfsprekend gaat de politiek hierover, maar je kan je afvragen hadden we dit sowieso wel moeten doen; voor twee kleine stukjes snelweg NL tijdelijke tol invoeren?




 

vrijdag 15 mei 2026

Pinguïn Fred leest Beyond Beyond Budgeting

Vanuit het thema bezuinigen zijn we als Pinguïn Fred aangeland bij dit boek van Tom Groot en André de Waal. Met enige tegenzin begon ik aan dit kleine boekje over een op papier toch wel heel saai onderwerp als begroten. Nu, ondanks het feit dat het boekje natuurlijk ook gewoon op papier is gedrukt, is het marginaal minder saai dan je zou verwachten. Het is best vlot geschreven en met 130 niet te grote pagina’s ook heel beknopt te noemen. Ook staat er een hoofdstuk in over de disfunctionele gedragseffecten van begroten, hetgeen ik als gedragoloog zeer op prijs stel. Om met dat hoofdstuk te beginnen. Disfunctionele gedragingen zijn te verdelen in drie groepen: verzet en weerstand tegen het gebruik van budgetten omdat ze niet realistisch, niet werkbaar, of zelfs niet ethisch geacht worden, budgetgericht gedrag waarbij taakuitvoering ondergeschikt wordt aan de budgetlogica (specialisten die geen nieuwe patiënten aannemen omdat het jaarbudget is uitgeput) en manipulatief gedrag waarbij gestuurd wordt op het eigen belang of dat van de afdeling ten koste van dat van de gehele organisatie. Een bijzonder vermelding in het boek is gewijd aan overheidsorganisaties, uit Osborne & Graebler (1992) ‘ Overheidsbudgetten stimuleren managers om geld te verspillen. Als ze hun hele budget niet voor het einde van het fiscale jaar spenderen, gebeuren er drie dingen: ze moeten het budget dat ze uitgespaard hebben teruggeven, ze krijgende volgende jaar minder budget en hun baas scheldt hun uit omdat ze dit jaar teveel budget hebben gevraagd’. Ruim 70% van de bestudeerde organisaties wil het budgetteringsproces reorganiseren. Budgetteren kost te veel tijd, het is geen continu proces, resultaten zijn snel achterhaald, het leidt tot overvragen, versterkt de verticale command- and -control, moedigt aan tot gaming en verkeerd gedrag, zorgt ervoor dat mensen zich ondergewaardeerd voelen en concentreert zich op kostenreductie ipv op waardencreatie. De in het boekje beschreven beyond budgeting benadering waarbij het budgetteringsproces grotendeels overboord gegooid wordt en vervangen door rolling forecasts, balanced score cards en dynamische normen, lijkt niet geschikt voor de overheid. Een Ministerie  komt niet door de in het boekje opgenomen beyond budgeting toets heen oa omdat je duidelijk zelfsturende eenheden nodig hebt. Wel zou je eens zero-based budgeting kunnen overwegen waarbij je ieder jaar de budgetten weer vanaf nul inregelt. Dit in plaats van de budgetten jaarlijks incrementeel te veranderen tov het vorige jaar, waardoor de discussie over geld alleen over de incrementele verschillen gaat en niet over de onderliggende bulk. Maar goed om dat dit nogal bewerkelijk is wordt gesuggereerd zero-based budgeting alleen bij algemene strategische heroriëntatie toe te passen. Ik kom uit op drie bollen voor dit boek.   











vrijdag 8 mei 2026

De Leesjutter 10: Slim reizen - Overal en iedereen met publiek vervoer van deur tot deur

Dit prachtig vormgegeven boekwerk van Marc Buiter en ook Geert Kloppenburg is een mooi vervolg op de Gulden Snelweg (zie blog). Het boekwerk is heel sportief in april in ontvangst genomen door de collega's van DGMo. Sportief, omdat het boekwerk heel kritisch is op de door IenW beleden paradigma's in de beleidsvorming, zij het met enige mildheid voor de medewerker: Net als forenzen volgen de meeste beleidsmakers en onderzoekers - min of meer genoodzaakt door hun beperkte positie en bewegingsruimte - vrijwel dagelijks dezelfde vaste routes langs steeds dezelfde problemen en 'oplossingen' die niet of onvoldoende werken. De schrijvers zijn vooral ook kritisch op pilots om de structurele mismatch tussen vraag en aanbod in het OV aan te pakken, die vormen aldus de auteurs 'een kroniek van een aangekondigde mislukking' omdat ze zo zijn ontworpen dat de schaal, het netwerk en de flexibiliteit van de nieuwe diensten maken dat die vrijwel niet gebruikt worden. Ook mooi is hun inbreng over de nadelen van prijsprikkels. Zo leiden rebound effecten van de spitsheffing in Zweden er toe dat de positieve effecten na enige tijd uitdoven mits je de heffing blijft verhogen en het aanbod van alternatief vervoer verbetert. Soms schieten ze een beetje uit de bocht, maar dat is ze vergeven. Zo wordt gesuggereerd bij het stukje over verregaande verkokering dat er sprake zou zijn van een beleidskoker speciaal voor carpoolen. Dat mocht ik willen :-). Hoe dan ook Buiter en Kloppenburg hebben een heerlijk frisse manier van tegen mobiliteit aankijken en brengen zo en passant het o zo gewenste nieuwe perspectief.  Goed om daar mee aan de slag te gaan. Maar dan niet met aan de voorkant afgeknelde pilots denk ik dan. 

bron: knipsels uit Slim reizen, Marc Buiter.