maandag 27 april 2026

De Leesjutter 9: Nationaal zakelijke mobiliteitsonderzoek. editie 2025

Een vrijdagmiddag leesjutten door de verder lege gangen van de Rijnstraat 8 leverde weer een paar mooie leesjutter-exemplaren op waarvan dit de eerste uit de nieuwe reeks is. Het is heel zielig, maar ik heb dus nog nooit een lease-auto gehad, ook niet in de tijd dat ik bij een adviesbureau werkte. Een wat nieuwe wereld dus voor mij,  maar daar mee des te interessanter. Het is een rapport vol tabellen en grafieken dus dat leent zich voor wat opzienbarende getallen, waarbij ik mij focus op de e-auto (EV):

  • 71% van alle nieuw verkochte EV's wordt zakelijk ingezet.
  • 29% van de bedrijven verplicht zijn leasende medewerkers voor een EV te kiezen. Dat percentage stabiliseert.
  • Door grote bedrijven wordt duurzaamheid minder vaak gezien als onderscheidende keuze, maar als randvoorwaarde waar ze simpelweg niet om heen kunnen. 
  • Het ontbreken van thuislaadmogelijkheden wordt door de meerderheid van bedrijven aangemerkt als obstakel voor verdere EV groei. 
  • Van de zakelijke EV-rijders geeft 76% aan de volgende keer weer voor EV te kiezen. Ruim 60% van de 24% die dat niet doet zou de volgende keer voor een plug-in hybride kiezen (dus niet ruim 60% van alle EV rijders zoals in het voorwoord staat!)
  • Als gevraagd wordt aan de rijders die aangeeft bij de volgende auto niet voor een EV te kiezen, onder welke omstandigheden ze dat zouden heroverwegen zijn dit de antwoorden (zie figuur):  


Bron: Nationaal Zakelijke Mobiliteitsonderzoek 2025

woensdag 22 april 2026

ASA -masterclass Hoe overleef ik een minderheidskabinet?

Prachtige lezing van Paul 't Hart die zich voor de gelegenheid in de wereld van minderheidskabinetten is gedoken. En geloof het of niet, ook daarover is een handvol boeken geschreven.  Hij begon met een survival rate-plaatje dat uit een epidemiologisch lesboek lijkt te komen maar stiekem toch over het overleven van kabinetten zelf gaat. De levensduur van kabinetten met overkoepelende financiële deals met de oppositie, doet niet onder voor die van meerderheidskabinetten. Die zonder deals wel, oeps. Dat neemt niet weg dat er sowieso wel een aantal voordelen van minderheidskabinetten zijn te bedenken. Paul noemde  gezond dualisme, betere deliberatie (meer vrije kwesties buiten dichtgetimmerd regeerakkoord om), energie op wat wél bindt (voorbeeld: issues koppelen tot grote pakketten die tot doorbraken leiden) en kans op oversized issue majority (bij minderheidskabinetten juist vaak grote meerderheden achter wetgeving, dat leidt tot continuïteit over kabinetten heen). Vervolgens ging hij in op wat ambtenaren te doen staan om de drie ambtelijke uitdagingen van minderheidskabinetten - eendrachtig de titel - te overleven (zie foto). Wie gaat al het extra politieke handwerk doen dat nodig is om beleidsvoortgang te maken met een minderheidskabinet? Een politieke assistent gaat dat niet bolwerken zo stelt Paul. Er is zo voorspelt hij al snel sprake van een sluipende politisering van het ambtelijk apparaat omdat DGs en directeuren in het gat moeten springen dat een PA niet kan dichtlopen (als je er tenminste niet voor kiest zoals bijvoorbeeld in Australië designated oliemannetjes aan te stellen; de departemental liason officers). Als DGs en directeuren het zelf moeten gaan doen, verwacht Paul dat dit binnen het ambtenarenapparaat zomaar tot een clash tussen hyperpolitiek en de ambachtelijkheid van het werken met het beleidskompas kunnen leiden. Anders gezegd, als de verleiding van de  top in de rol van politiek oliemannetje te kruipen te groot wordt, dreigt men daar niet meer open te staan voor inhoudelijke signalen uit de onderliggende lijn. En passant kwam Paul nog met wat onderbouwde systeem kritiek. Wat hem betreft moeten we structureel rekening houden met minder vertrouwen in de politiek. Juist dan moet je als politicus doen wat je waar kunt maken en duidelijk zijn over wat niet kan, aldus 't Hart. Dit terwijl - zo ziet Paul - het vermijden van teleurstelling bij kiezer/burger ondertussen een dominant gedragspatroon voor politici is geworden.  

bron: https://theloop.ecpr.eu/ Thürk & Krauss







zondag 19 april 2026

Een overload aan overbelading

Van de week een prachtig door Guus en Siebren begeleid beleidsatelier over overbelading van vrachtwagens bijgewoond. Het openingsrondje rond de vraag Wat denk jij dat de voornaamste oorzaak van overbelading is? liet zien dat veel deelnemers denken dat dit h'm in economische motieven zit; als je als vervoerder meer meeneemt kan je per slot van rekening ook meer verdienen is het idee. Nu blijkt het zo te zijn dat 3/4 van de overtredingen hem zit in een te hoge aslast en niet in een te hoog gewicht. En aan een te hoge aslast valt niet meteen wat te verdienen. Al is mijn conclusie hierover zeker nog niet definitief, lijkt het op het tweede gezicht toch meer aan onwetendheid of onverschilligheid bij het beladen te liggen dan aan gewin (of het moet in gepercipieerde tijdswinst zitten). Dit laat denk ik twee dingen zien: (1) dat SCP een sterk punt lijkt te hebben met het wijzen op de wat eenzijdige mensbeelden van waar uit beleid wordt gemaakt (zie blog link); (2) dat het tijd wordt om eens een gedragsanalyse op verschillende segmenten van vervoerders en verladers te doen om te bezien welke aspecten van capability, opportunity and motivation de neiging tot overbelading verklaren. 



Burgerforums en het verduurzamen van pensioenfondsen

Ik krijg langzaam maar zeker de leeftijd waarop ik dit onderwerp interessant ga vinden :-). Van de week een mooie BINNL lezing van Paul Smeets over een zeer elegant ontworpen burger/deelnemersforum rond verduurzaming van een pensioenfonds. Als je het zorgvuldig representatief samengesteld forum van pensioenfondsdeelnemers drie dagen bij laat praten door ook weer zorgvuldig geselecteerde specialisten, blijken de deelnemers na afloop veel vaker voor duurzaam beleggen te kiezen ook als het rendement daaronder kan leiden. En als je dat de uitkomsten van het forum vervolgens voorlegt aan de hele populatie deelnemers kiezen die ook voor duurzaam beleggen. So far so good, maar de methodologische kritieken - zo kreeg ik online de indruk - begonnen beleefd wat aan te zwellen. Zo begint de populatie forumleden (en uitgaande van representativiteit dus ook de hele populatie deelnemers aan het pensioenfonds) overwegend met de mening 'geen mening'. Vervolgens stemt sowieso maar een zeer beperkt deel van het totaal aantal deelnemers; wellicht juist de mensen die toch al voor meer duurzaamheid waren. Je kan je afvragen zit dat dan wel helemaal in de haak?; in die zin is de uitkomst dan wel representatief. Ik denk zelf: wél in de haak, maar niet representatief en dat hoeft misschien ook niet. Net als een omgekeerde donorregistratie (zie ook link) waar bij je mensen dwingt na te denken over een serieus onderwerp waar ze liever niet over nadenken.  


 

Economiekamer Opschaling productie duurzame brandstoffen voor de luchtvaart

De Economiekamer (met dank aan Tim) van afgelopen vrijdag was weer een heerlijke onderdompeling in een supercomplex dossier. De figuur laat de opgave zien die volgt uit de ReFuelEU-richtlijn. De bijmengverplichting  voor Sustainable Aviation Fuel (SAF) wordt nu nog geheel vervuld met HEFA; SAF op basis van oa frituurvet. Maar omdat je ook maar zoveel friet kunt eten (zegt men), is er een separate bijmengverplichting voor synthetische kerosine als bio-SAFs /e-fuels. Omdat HEFA veel goedkoper is komt de productie van die andere type SAFs niet goed van de grond. Rara wat te doen? Dat was de vraag die centraal stond vrijdag. Terecht werden ook beleidskompas-achtige vragen gesteld als: Wat is  nu eigenlijk precies het marktfalen? Hoe zit het met aandacht voor de nuloptie, niets doen? en welk maatschappelijk doel willen we  bereiken (klimaat en de kansen op negatieve emissies die SAF-productie met CCS opleveren, of strategische autonomie, of iets anders). Maar als die vragen beantwoord zijn (wel doen hoor!) verwacht ik dat er uiteindelijk geen ontkomen is aan overheidsingrijpen. Tijdens de Economiekamer werd een flinke reeks instrumenten voor overheidsingrijpen met elkaar vergeleken. Daarbij bracht Prof Machiel Mulder (RUG) in dat wie effectief wil zijn en het instrumentarium niet al te ingewikkeld wil maken, genereus moet zijn. Aan de collega's van duurzame luchtvaart de taak dit op onderbouwde wijze aan de politiek voor te gaan leggen. De Economiekamer leverde hiertoe in ieder geval een mooie reeks inzichten op. Een kleine bloemlezing:

  • De hoge traptredes in de bijmengverplichting (zie figuur) zijn niet handig om laten we zeggen precies op tijd de juiste hoeveelheid productie op peil te hebben.
  • Er ligt in ieder geval een kans om als Nederland het komende half jaar geld in te gaan leggen in de Europese tweezijdige veiling voor de productie van bio-SAF/e-fuel en daar dan ook veel van te leren (zie link)
  • Als je de huidige vrijwillige nationale extra verplichting voor bijmenging boven op de Europese wil behouden dan zal je, als je het internationale level playing field niet teveel wil verstoren, de volledige onrendabele top af moeten dekken.  
  • DEF zou als launching customer verschil kunnen maken. 
  • De HEFA productie kan nog flink groeien vooral als je andere basismaterialen gaat gebruiken. Ook voor de andere type SAFs vinden nog veel ontwikkelingen plaats. Instrumenten om de productie aan te jagen zouden daarom deels agnostisch voor de toegepaste techniek moeten zijn.
  • Schiphol-deelnemingenbeleid zou ook slim ingezet kunnen worden, maar dat geldt ook Lelystad -dacht ik later - daar zitten DEF en burgerluchtvaart handig bij elkaar en is een positive vibe wellicht ook zeer gewenst. 
  • De (of een) verwachting is dat je uiteindelijk tot een instrumentenmix komt die verandert in de tijd. 



zondag 12 april 2026

Pinguïn Fred leest Voorbereid van Ot van Daalen

In dit boek met de nogal lange ondertitel Zo zien de grootste Nederlandse rampscenario's eruit. Een praktische en journalistieke gids gaat Ot in op zeven rampscenario's: Je hebt geen stroom meer, Je huis staat onder water, Het internet doet het niet, Iedereen in Nederland wordt ziek, Je kunt niet meer pinnen, Stel dat er oorlog komt en Een autocraat grijpt de macht. Zoals Beatrice de Graaf in het nawoord al aangeeft doet hij dat concreet en pragmatisch met aandacht voor wat je zelf kunt doen. Dat laatste raakt aan de term handelingsbeoordeling uit de Protection Motivation Theory (PMT). Handelingsbeoordeling valt uiteen in de gepercipieerde effectiviteit van wat je zelf kan doen, het geloof in eigen vermogen om wat je zelf kunt doen ook echt uit te voeren en de nadelen van dit eigen gedrag. Bij mij loopt het vaak lek op gepercipieerde effectiviteit (dan zit ik drie dagen in die atoombunker en dan?). In het voorwoord gaat Joris Luyendijk los op een ander aspect van de PMT de dreigingsbeoordeling die weer is opgebouwd uit de ingeschatte ernst van het risico en de waarschijnlijkheid dat men denkt slachtoffer te worden. Wat Joris betreft blinkt de Nederlandse overheid én de Nederlander uit in labbekakkerigheid op dit punt. De WRR geeft hem daar overigens in zekere zin gelijk in. Zij gebruiken de term de normalcy bias hetgeen ongeveer hetzelfde betekent (die corona blijft gewoon in Noord-Italie). Terug naar het boek. De rampen staan verdienstelijk beschreven maar ik blijf vaak wat haken op de helaasheid van het individuele handelingsperspectief; drie bollen. 



Het was een vitaal gesprek - deel 2 over vitaliteit

Goed verstopt op het leerportaal stond de mogelijkheid je in te schrijven voor het gesprek over vitaliteit met BSR leden (zie mijn blog van vorige week). Dit leverde afgelopen donderdag bij toeval een perfect samengesteld gezelschap op. Zo was er een goede man-vrouw verdeling, oud-jong, verschillende functies, uit de regio en uit Den Haag, beleid, uitvoering en inspectie. Onder de deelnemers ook een vitaliteitsdeskundige, een HR collega, een middenmanager. En ook een management assistente, die inderdaad vaak als geen ander ziet hoe het met iedereen gaat.

Het werd al snel een echt gesprek en tal van zaken passeerden de revue. Zo hadden we het over de combinatie van hoge werkdruk en hoge werktevredenheid die vaak uit medewerkerstevredenheidonderzoeken komt. Mensen zijn dan verknocht aan hun eigen dossiers en als die van wege hoge werkdruk dreigen weggehaald of geschrapt te worden dan voelt dat toch niet lekker. En als er dan dossiers geschrapt worden, dan is het zaak dat vervolgens de hele lijn inclusief de bewindspersonen daar achter staan. Die laatsten moeten dat vervolgens weer aan de Kamer zien te verkopen. En als stakeholders er dan op aandringen een geschrapte taak toch weer op te pakken, dan is - sorry voor het van buiten naar binnen denken - toch zaak de taak toch buiten te houden en niet binnen. Dit alles vereist een rechte rug. Maar goed die had je toch al nodig om op kantoor arboproof achter je bureau te zitten. Over kantoor gesproken we hadden het ook even over het belang van kantoorontmoetingen voor het creëren en onderhouden van ruimte en vertrouwen  om het gesprek over werkdruk en vitaliteit te blijven voeren.

Licht over mijn woorden struikelend (dat dan weer wel)  bleek ik er zo ontspannen bij te zitten dat ik het spontaan voor de werkende vrouw in de overgang op ging nemen. De overgang en soms jarenlang slecht slapen is best wel een onbesproken vitaliteitsonderwerp. En de deeltijdprinsesjes van Sander Schimmelpenninck ga je – in ieder geval voor wat de jonge moeders betreft – toch wat anders bezien als je leest dat vrouwen  over de gehele breedte de afgelopen jaren 17 uur per week meer zijn gaan werken en dat jonge vaders dit compenseren met 0,4 uur per week meer zorgtaken. Heb het niet na kunnen tellen, maar als dit ook maar een beetje waar is…foei!

Hoe dan ook een prachtig gesprek van ruim een uur waar – zo kwam ook nog langs – geen e-learning tegen op kan.