zaterdag 22 juni 2013

Kennis: Tweede bijeenkomst Community of Knowledge Duurzame Mobiliteit

Dinsdagochtend in een veel te warme kamer was het dan zover; volle bak, enthousiaste onderzoekers, veel energie en een nieuw lid (ECN). In het slotrondje was men dan ook unaniem enthousiast bij de gedachte hier mee door te gaan. Maar het was niet alleen maar feest. Zoals in het eerder in deze blog besproken boek over kenniscocreatie al staat aangegeven...het hoort moeizaam te gaan. Het moeizame vraagpunt waarmee we aan het eind van de bijeenkomst bleven zitten is of de eerder geformuleerde doelen voor een Community of Knowledge wel passen bij de praktijk van de opdrachtgevers bij DGMI en DGB. Waar de SKIA en de community zich richten op strategische lange/middellange termijnvragen is de praktijk van alle dag dat de beleidsmedewerkers -ingegeven door de politieke actualiteit - louter denken in korte termijnvragen. Toch kostte het de aanwezige onderzoekers weinig moeite relevante lange termijnvragen te formuleren. Die komen dan natuurlijk wel voort uit aanbod en vooralsnog niet uit een gepercipieerde vraag vanuit beleid. Het gaat o.a. om de volgende vragen: (1) Welk beleid werkt? Hoe werken de verschillende beleidsinstrumenten op elkaar in bijvoorbeeld ETS, normstelling voertuigen en normstelling brandstoffen; (2) Hoe komen we tot nul emissie in de steden?; (3) Behoefte aan monitoringsinstrument om te zien of je beleid werkt en of de gewenste transitie volgens de verwachte snelheid verloopt op dat je bij beleid er een schepje bovenop kan doen als het dreigt verkeerd te gaan; (4) Met welk beleid lok je innovatie uit. We denken dat strenge normstelling als van zelf innovatie uitlokt, maar is dat wel altijd zo?; (5) Hoe zit het individuele keuze proces van burgers in elkaar, hoe ontwikkelt het gedrag en hoe is dat te sturen?

Wellicht liggen er kansen op op weg naar Horizon 2020 te bezien welke van de door de onderzoekers geformuleerde lange termijnvragen in al dan niet aangescherpte vorm ook kapitaalkrachtige kennisvragen vanuit beleid kunnen zijn en onder een Europese vlag opgepakt kunnen worden. Probleem daarbij is dan weer dat de TNO-deelnemer vanuit zijn ervaring wist aan te geven dat de EU-cie voor het thema Green Transport zich exclusief op voertuigtechniek richt en niet op voor IenM interessante vragen op het gebied van gedrag en ruimtelijk ordening. Met een beetje geluk is er nog tijd om deze zomer de EU-cie uit te leggen dat antwoorden op deze categorieën vragen nodig zijn om in aanvulling op EU wet- en regelgeving effectief nationaal beleid te voeren.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten